Over succes en zeperds – door Alex Hoogland

Vaak stellen mensen mij de vraag: “Hoe weet je nou hoeveel handel je mee moet nemen?”
Dat is in mijn geval goed het weerbericht in de gaten houden. Sta je met kleding of dekbedden, is het ook vervelend als je slecht verkoopt, maar wij hebben bederfelijke waren, dus dan moet je opletten. Nu is het op de zaterdagmarkt, met de ervaring die we hebben, wel redelijk in te schatten.

Echter, we doen ook wel eens een jaarmarkt of evenement en dan moet je maar gokken wat je denkt te kunnen verkopen. Zo belandde ik op de jaarmarkt in Noord-Scharwoude, met z’n tweeën heen, uitgepakt en klaar voor de verkoop. Om 10 uur ’s ochtends loopt de organisatie even langs om een praatje te maken, en terloops de vraag stellend wanneer de rest van het personeel kwam. “De rest? Een jaarmarktje draaien we wel met z’n tweeën,” zei ik nog.

De heren keken elkaar aan en wensten ons succes, en liepen verder. Geen kwartier later stond er twintig man in de rij en dat heeft geduurd tot half vijf. Helemaal verwaarloosd: niet eten, niet drinken, niet plassen. Handel genoeg? Nee, natuurlijk niet. Snel naar Alkmaar gebeld en bij laten brengen. Verkeerd ingeschat dus.

Dit kwartje viel uiteindelijk de goede kant op, maar het kan ook anders. Afgelopen augustus stonden we op de Sail In in Zaandam. Alles klopte tot in detail: de plek, de organisatie, het weer. Dit zou een klapper worden. De avond ervoor was ik nog bij ome Jaap in het hospice, ook altijd in de vis gezeten. “Neem je genoeg broodjes mee? En genoeg kibbeling ook!” Twee dagen voor zijn euthanasie, maar nog altijd met handel bezig. “Jaja komt goed ome Jaap,” zei ik. En we namen (voorgoed) afscheid.

Volgeladen met handel en goede moed reden we naar Zaandam, op tijd uitgepakt, en het werd drukker en drukker op het terrein en de dijk raakte bomvol.

De dijk wel ja… maar niet bij onze kraam. En waar het dan aan ligt… Chagrijnig reden we terug naar huis, de dozen broodjes weer opgestapeld, ome Jaap bedankt voor je advies…

Zo hebben we ook nog eens een braderie gehad waarbij we op een compleet verkeerde plek stonden, compleet uit het zicht. Thuisgekomen vertel ik dat ik “op een dooie stond.” Mijn zoon nam deze opmerking iets te letterlijk en dacht dat er de hele dag een lijk onder mijn kar lag.

Afgelopen dinsdag ben ik voor het eerst begonnen op de wijkmarkt in Overdie, klein marktje met zeven ondernemers, en ik moet zeggen: geen zeperd, niet op een dooie gestaan, maar een hele leuke eerste dag gedraaid.
En ja, ome Jaap, ik had genoeg handel mee…

Alex Hoogland