Met AZ de grens over: herinneringen aan voetbaltripjes en meer- door Geoffrey Put

Hallo! Ik had in m’n kennismakingsverhaaltje in m’n eerste column (het woordje begint te wennen…) over m’n drie grootste hobby’s. Verleden keer ging het over wandelen, en zei ook dat ik gek was op AZ, onze Alkmaarse voetbaltrots. Dus, waarom niet ’n stukje schrijven over m’n favoriete voetbalclub? En dan voornamelijk over het leukste daaraan, namelijk de buitenlandse tripjes.

De liefde begon toen ik ’n jaartje of 12 was. We woonden toen op de Juliana van Stolberglaan, ’n paar honderd meter van het oude stadionnetje in stadspark De Hout. Dan zag je zaterdagavond dat het kruispunt bij Koekenbier op de Kennemerstraatweg helemaal afgezet werd door de politie omdat de supporters van de uitclub lopend aankwamen vanaf het station.
Dus daar moest ik ook heen! Eerst op de houten Zandersloottribune, in de volksmond de jongenstribune genoemd. Seizoenkaart 35 gulden. Stond ik daar als broekie tussen de grote kerels die hun idolen toezongen. Wat ’n geweldig sfeertje!

In november 1973, tijdens de autoloze zondag, speelde AZ’67 uit tegen FC Haarlem. ’n Lange stoet van 1600 fietsers, met voorop voorzitter Arie Ligthart en de gebroeders Molenaar, de nieuwe geldschieters van de club, gingen op weg. Met de pont over het Noordzeekanaal. 1-2 winst in deze destijds mooie derby.
Als je toen bij De Hout aankwam, en je zag de grote zendmast op de NOS-wagen, wist je dat het op televisie bij Studio Sport kwam, destijds ’n unicum. Kicken! In het seizoen .74/’75 won AZ’67 met 3-0 van het grote Ajax, en werd er ’n ereronde gelopen, en 1-1 tegen Feyenoord.

M’n eerste Europese uitwedstrijd was in 1977. Als jong binkie met de bus vanaf de Sportlaan naar het Luxemburgse Differange. Eerste ronde UEFA-Cup, omdat AZ als derde was geëindigd in de Eredivisie. Thuis was al met 11-1 gewonnen van Red Boys. En daar werd het ’n mooie 0-5 winst. Op de terugweg zei de busschauffeur dat iedereen die moest kotsen in de bus, eruit gezet zou worden. Wat had ik het slecht, die lange nachtelijke terugweg. Want met 16 jaar dronk je wel stoer bier natuurlijk…

Aan het eind van het seizoen ’80/’81 wonnen we in de Rotterdamse Kuip met 1-5 van Feyenoord, en werden daar landskampioen! Dus het seizoen daarop Europacup 1, de voorloper van de Champions League. Drie dagen na het behalen van dat eerste landskampioenschap speelden we de uitwedstrijd van de finale van de UEFA-Cup tegen het Engelse Ipswich Town. Met de boot heen, wat al ’n happening op zich was! Helaas roemloos verloren met 3-0. Omdat de finale toen nog over ’n uit- en thuiswedstrijd werd gespeeld speelde AZ’67 thuis in het Amsterdamse Olympisch Stadion.
Fraaie 4-2 winst, maar één doelpunt te kort voor de grote beker… Na afloop op het stadionplein liggend in de bus vanwege de stenen die door de ramen van de bus gegooid werden door Engelse supporters. Het glas zat in m’n haren. De kwartfinale ook naar Lokeren in België geweest. Daar nipt verloren, maar door de thuisoverwinning dus toch door naar de halve finale. Na de wedstrijd werd ons gehuurde busje onder politiebegeleiding naar de autosnelweg geëscorteerd. Ze wilden zo snel mogelijk van die Ollanders af, boefjes!

De eerstvolgende Europese uitwedstrijd voor mij, na jaren in de eerste divisie gespeeld te hebben tot 1998, was in februari 2005. In ’n bokkoud stadion van FC Keulen speelden we 0-0 tegen Alemannia Aachen. Ruim 4000 Alkmaarse fans waren erbij. Veel dagjesmensen, maar wij bleven lekker drie nachten. AZ strandde toen in het laatste minuut van de halve finale thuis tegen Sporting Lissabon, 05-05-2005. We stonden bijna weer in de UEFA-Cupfinale…

In de loop der jaren daarna nog heel veel Europese voetbaltripjes meegemaakt. Eerst met vast groepje voetbalmaten. We noemden ons het ‘AZ Feestteam’ en kregen gesponsorde jassen van café Jong Belegen. Daarna met ’n ander groepje vrienden. Vaak in wisselende samenstelling, maar altijd met ’n vaste kern van echte die-hards. Uitvalsbasis in de speelstad is dikwijls ’n Ierse pub, want die zijn er overal in de wereld.

Zoveel leuke dingen meegemaakt. Soms zeiden we gekscherend tegen elkaar dat de voetbalwedstrijd eigenlijk maar ’n hinderlijke onderbreking van ’n paar gezellige dagen was… Want wat hebben we overal genoten en gelachen. Ook slechte wedstrijden meegemaakt natuurlijk, met als uitschieter wel de 7-1 nederlaag in Lyon tegen Olympique Lyonnais. En natuurlijk de 4-1 nederlaag tegen het Londense Arsenal in de Champions League, want tweede keer landskampioen geworden in 2009.

Mooie herinneringen zijn teveel om op te noemen! Vooruit, ’n paar dan: het Rode Plein in winters Moskou, de Blauwe Moskee in Istanbul, de middag bij de kathedraal van Sevilla, het sinaasappelgooien met de fans daar, de zeemeermin van Kopenhagen, op bezoek bij de paus in Rome, bierdrinken met de burgemeester van Liberec in Tsjechië, het sprookjeshotel in Brussel, Peaky Blinders-toer in Birmingham, Sachertorte eten in Wenen, drie dagen regen in Manchester, tussen de ultra’s in het Italiaanse Udine, middagje Venetië, met coach Dick Advocaat in de bestuurskamer van het Russische Anzji, het Guggenheimmuseum in Bilbao, de kerstmarkt in Duitse Nürnberg, geen bierglazen meer in Bremen, tussen de koeienbellen in de Alpenwei van Vaduz in Liechtenstein, en ga zo maar door…

Doen we niet hoor, we gaan ons ’n beetje voorbereiden op weer ’n tripje London, 6 november tegen Crystal Palace. En dan waarschijnlijk weer lekker lallen in een of andere obscure pauperpub “we komen niet voor de voetbal”, maar toch stiekem wel natuurlijk! We gaan het weer meemaken…

Groeten, Geoffrey.