Manifesteren – door Theo Hollenberg

Er is een trend bezig die sneller gaat dan een pakketje bij een flitsbezorger: manifesteren. Het lijkt erop dat half Nederland inmiddels ‘het universum’ op speed dial heeft. Vooral jongeren en BN’ers lijken ervan overtuigd dat alles moeiteloos binnen handbereik ligt, zolang je het maar héél intens naar je toe denkt. Een nieuwe baan? Even visualiseren. Liefde? Even affirmeren. Rijkdom? Even ademen met intentie.

Ik vind het prachtig. Ook een tikje hilarisch. Vooral omdat ik zelf heus heb meegedaan. Ik heb wekenlang fanatiek zitten manifesteren dat die laatste tien kilo’s van mijn lijf zouden verdwijnen. Braaf keek ik elke ochtend in de spiegel terwijl ik mijn best deed om mentaal zo strak mogelijk te lijken. Dat universum moest toch íéts oppikken?

Maar nee hoor. Geen kilo die ook maar een millimeter bewoog. Blijkbaar is het universum niet zo onder de indruk van mijn innerlijke Beyoncé. Misschien omdat ik ondertussen vooral manifesteerde vanaf de bank, knabbelend op iets dat verdacht veel leek op een late-night snack.

Daarom begin ik te vermoeden dat manifesteren eigenlijk een soort romantische marketingcampagne is voor discipline. Een zachte manier om te zeggen: “Je kunt het, maar je moet wél je sporttas pakken.” En dat vind ik dan weer verfrissend eerlijk: dromen zijn leuk, maar die halters tillen zichzelf niet. Zelfs niet als je het heel lief visualiseert.

Toch snap ik de charme wel. Manifesteren voelt een beetje alsof je een geheim pact hebt met het lot. Alsof je jezelf een hoofdrol geeft in je eigen film. En eerlijk is eerlijk: zodra je ergens echt in gelooft, beweeg je vaak vanzelf meer in de richting van wat je wilt. Alleen dan graag met schoenen aan, richting sportschool.

Dus ja, ik manifesteer door. Maar ik neem ook mijn lijf mee in het verhaal. Het universum zal het waarderen. Hoop ik.

Theo Hollenberg