Geluk – door Theo Hollenberg
De eindejaarstrekking van de Staatsloterij heeft altijd iets ritueels. Het is dat ene moment waarop half Nederland collectief even droomt. Van enveloppen met onwaarschijnlijke bedragen, van een toekomst zonder wekker, van vrijheid in getallen met veel nullen. Ook ik doe elk jaar braaf mee. Niet omdat ik er werkelijk op reken, maar vooral omdat hoop zich zo makkelijk laat kopen voor een paar tientjes. Want er valt altijd wel iets te dromen.
Toch verwachtte ik dit jaar weer geen grote prijzen. Niet uit pessimisme, maar uit ervaring. Van huis uit werd altijd gezegd dat je óf geluk hebt in het spel óf in de liefde. Dat laatste is echt iets wat mij al jaren royaal is toebedeeld. Geen borden smijten, schreeuwen, aantrekkende tegenpolen waar de passie volgens de buitenwereld van af zou moeten blijven spatten. Gewoon diepe liefde, in haar dagelijkse, soms rommelige, maar altijd betrouwbare en zeer gewenste vorm.
Met zo’n uitgangspositie voelt het bijna onbeleefd om ook nog om een hoofdprijs te vragen. Alsof je bij het universum aanklopt met de mededeling dat het eigenlijk best nog iets meer had mogen zijn. Dus terwijl de winnende nummers voorbij schuiven en de hoofdprijs naar een ander gaat, blijft er vooral rust over. En dankbaarheid. Want hoe meet je geluk eigenlijk? In euro’s, of in mensen die je naam met zachtheid uitspreken?
En daar ligt wat mij betreft de echte winst van zo’n trekking: niet het bedrag dat je niet hebt gewonnen, maar het besef van wat er al is. En dat is, in mijn geval, meer dan genoeg.
Laat 1 januari daarom vooral het begin zijn van een jaar waarin geluk niet alleen gezocht wordt in lotnummers, maar herkend wordt in wat dichtbij is. Ik wens iedereen een nieuw jaar vol warmte, gezondheid en kleine momenten die samen een rijkdom vormen waar geen trekking tegenop kan.
Theo Hollenberg